inleiding


Kleine Burgemeester, 2e kj, Scheveningen,
mei 2002 (© Vincent van der Spek)

Al in de 18e eeuw werd er in de omgeving van Den Haag serieus naar vogels gekeken; de beroemde Duitse ornitholoog Pallas maakte rond 1760 al aantekeningen van ongewone waarnemingen.

Ook nu oefent Den Haag een grote aantrekkingskracht uit op vogels én vogelaars, en er zijn in Europa maar weinig grote steden waar het aantal soorten dat is vastgesteld, de Haagse lijst overstijgt. Het grote aantal vogels en vogelsoorten dat is waargenomen, maakt de regio dan ook belangrijk voor vogeldata.

De redenen waarom in de Haagse regio zoveel vogelsoorten zijn vastgesteld, laten zich als volgt samenvatten:

  1. De verscheidenheid aan biotopen: zee, strand, duin, bos, weiden en zoet water
  2. Een van de drukste trekbanen van landvogels in Europa loopt gestuwd over de regio.
  3. Een andere drukke trekbaan, van allerlei soorten zeevogels, eenden, ganzen en steltlopers loopt over zee langs de hele kust.
  4. De regio heeft enkele vinkenbanen bij Wassenaar en Loosduinen, waar vanaf de dertiger jaren veel vogels geringd worden. Hier zijn heel wat zeldzame soorten gevangen, die de lijst langer maken.
  5. De regio kent al heel lang een toegewijd legertje waarnemers. Dit is rond 1920 gestart en sindsdien bestaan er allerlei formele en informele clubjes die al veel data verzameld hebben

Het is dus terecht dat Haagse vogelaars zo trots zijn op hun vogelstad en middels deze site, hopen wij dan ook dat er meer mensen van deze vogelrijkdom zullen gaan genieten!

 


Bonte Vliegenvanger op het
havenhoofd (© Garry Bakker)